Valencia verrassend veelzijdig

Valencia: statig en ontspannen

Valencia, met 800.000 inwoners Spanjes derde stad in grootte, oogt statig en maakt een ontspannen indruk. Het centrum ziet er verzorgd en schoon uit, zeer plezierig om op je gemak in rond te wandelen. De fraaie stad ligt aan de Middellandse Zee, in het hart van de huerta, waar rijst en citrusvruchten groeien. Waar de Moren deze streek als aards paradijs beschouwden, willen wij de veelzijdigheid van deze sinaasappelstad beproeven. Niet voor honderd procent alles bekijken – onze stedentrip was kort van duur -, wel langs een aantal verrassende tips uit de gelijknamige gids (100%) met uitneembare plattegrond. We laten lekkere lunchadressen en goede restaurants niet aan onze neus en smaakpapillen voorbijgaan. Steeds loopt het water ons in de mond bij culinaire lekkernijen als tapas, Valenciaanse paella’s en het specifieke aardnotendrankje horchata.

Stad van Kunsten en Wetenschappen

Na aankomst op vliegveld Manises, een kleine tien kilometer ten westen van het stadscentrum, maken we met metrolijn 5 een ritje van 25 minuten naar ons hotel. Onze Nederlandse, spaanstalige gids heeft ons opgewacht en de metroroute naar Calle Menorca uitgestippeld. Ons bed staat vrijwel naast de imposante ‘Stad van Kunsten en Wetenschappen’ van architect Santiago Calatrava, die zeer moderne, kostbare bouwwerken heeft neergezet.

We zien ze vanuit ons raam op zes hoog schitteren. Dit futuristische ‘Ciudad de las Artes y las Ciencias’ projecteert elke dag indrukwekkende contouren op ons netvlies. Calatrava’s laatste ontwerp springt er bovenuit: de 125 meter hoge brug Assut de l’Or. Alsof je in hartje Rotterdam logeert, met de Erasmusbrug voor je neus, de moderne Zwaan, waarvan de tuien krachtig heen en weer zwiepen.

Stad van Kunsten en Wetenschappen

Stad van Kunsten en Wetenschappen


Medio februari gaat de harde storm in Valencia zeker zo krachtig te keer als bij vertrek uit ons koude kikkerlandje. Fris en kil Hollands weer verrast ons hier, Spaanse ‘voorjaarsromantiek’ met uitlopende bloesems is nog ver te zoeken. Toch trekken we er vrolijk gestemd op uit om de middeleeuwen, renaissance en het modernisme in het hart van Valencia van nabij te bekijken. Van waar ook, alle straten leiden ons in de richting van de schitterende 13e-eeuwse kathedraal, het dominerende silhouet, waar zacht licht door de albastvensters van het schip valt. Aan dat schip grenst een hoge klokkentoren, geringschattend ‘Michieltje’ genoemd, de 51 meter hoge ziel van Valencia. Om het panorama over de stad tot aan de zee in ons op te nemen, beklimmen we een voor een de 207 treden. Het mooiste uitzicht over een wirwar van pleintjes en straatjes valt ons vanaf klokkentoren Torre del Miguelete ten deel. Het is een hele klim naar de top, waar de klok oorverdovend luidt.
Torre del Miguelete

Uitzicht vanaf Torre del Miguelete


Na de afdaling wandelen we op ons gemak naar de Jardín Botánico, waar we op een bankje op adem komen. Hier ademen we de rust van de eerste botanische tuin van Spanje, die tevens als opvang voor Valenciaanse straatkatten dient. De ene na de andere viervoeter, met of zonder staart of andere littekens, snort voor onze voeten uit.

Boek een hotel in Valencia

Lonja de la Seda

Onder leiding van onze gids – mijn hermano uit Murcia – ontdekken we rond talloze kerken een rijstebrij aan woonvormen. Paleizen aan verscholen binnenpleinen in de steegjes van de wijk Carmen, weelderige woningen aan Plaza del Ayuntamiento en Calle Colón, en van alles daar tussenin. Op de muren bewonderen wij azulejos en trencadís, glinsterende mozaïeken uit scherven van aardewerk. Deze keramiek wordt al eeuwen van de plaatselijke klei in ovens in Manises en Paterna gebakken. Mijn broeder Juan heeft zijn onderkomen in het ‘straatje van de nonnetjes’ (Calle de Monjas), vlakbij de Lonja de la Seda. Dit flamboyante Beursgebouw, mooi voorbeeld van gotische architectuur en hoofdkwartier van de zijdehandel, staat sinds 1996 op de Werelderfgoedlijst van de UNESCO. Water spuwende monsters begeleiden ons naar een statige hal vol spiraalzuilen, rood-zwarte tegelvloer en wenteltrap zonder spil in de toren. In die toren werden ooit handelaren, die forse schulden hadden, vastgezet.

Lonja de la Seda

Zuilen en plafond in Lonja de la Seda


Na ons bezoek rusten we, zoals de 15e-eeuwse zijdekooplui deden, op de binnenplaats onder de sinaasappelbomen uit. Tot de suppoost ons erop wijst dat hier geen ‘bocadillos’ mogen worden genuttigd.

Aan de Middellandse Zee

Vreemd genoeg lijkt Valencia de zee de rug toe te keren. Voorbij de tuinen van de rivier Turia en nauwelijks twee kilometer van klokkentoren El Miguelete, als je haar niet meer verwacht, doemt de Middellandse Zee op. Hier bevinden zich mooie zandstranden, natuurgebied La Albufera en vissershuisjes. De haven is nieuw leven ingeblazen door de zeilwedstrijden van de America’s Cup en vormt nu weer de schakel met Valencia’s verloren maritieme verleden. De stad ligt als het ware in de omhelzing van land en zee. Haar levensvreugde brengt zij naar buiten met heel veel barretjes, waar heerlijke tapas en paella’s, voorzien van een goed glas, de inwendige mens vrolijk stemmen. De bedding van de omgeleide rivier Turia is een kilometers lange, groene geul, die onder oude en moderne bruggen door meandert. Wij hebben flinke delen van deze bijzondere wandelroute langs voetbalvelden, parken en gazons afgelegd. In het latere voorjaar, als de natuur meer ontluikt, moet het hier een nog groter genot zijn om te wandelen en te verpozen.

Mercado Central

Mercado Central, met achtduizend vierkante meter de grootste overdekte markt van Europa, slaan we uiteraard niet over. De uit 1912 stammende markt heeft meer dan vierhonderd verschillende stalletjes en kramen. Zo’n vijftienhonderd mensen brengen zes dagen per week hun waren aan de man. De opgewekte sfeer van deze markt strekt zich ook uit tot het gelijknamige plein.

Mercado Central

Mercado Central


Alleen al het marktgebouw is een meesterwerk van het modernisme, versierd met keramiekscherven. Binnen ontdekken we een overvloed aan etenswaren, van groenten in allerlei kleuren tot smakelijke rode ham. Onze gids koopt een kilo amandelen in de dop, mijn verjaarscadeautje naar later zal blijken.
Meesterwerk van het modernisme

Mercado Central – meesterwerk van het modernisme

Mozaïekkunst in Valencia

Vriendin en fotografe Erna is niet alleen liefhebster van een wandeling door de Botánico en zijn 19e-eeuwse kassen (kan zij haar Latijn weer wat ophalen), zij stapt ook graag Museo Nacionál de Cerámica binnen. Een groot deel van haar welvaart heeft Valencia nog altijd aan de keramiekindustrie te danken. Daarom is in het stadspaleis van de markies van Dos Aguas het nationaal keramiekmuseum ingericht. Hier zijn prachtige voorbeelden van de tegelkunst te zien, waar Valencia al sinds de middeleeuwen beroemd om is.

Museo Céramica

Museo Céramica


Wie een ander voorbeeld van mozaïekkunst wil zien, moet de moeite nemen om Mercado de Colón, vernieuwd door architect Francisco Mora, te bezoeken. Deze vroegere art-nouveau-markt heeft prachtige trencadís in Gaudi’s stijl. Nu zijn er winkeltjes en barretjes met terras, waarop wij – eindelijk eens – in een hartverwarmend zonnetje een kopje koffie konden drinken. ‘Corazonnetje’, volgens onze gids.
Mercado Colón

Mercado Colón

Paella en tapas

De inwendige mens hebben we uiteraard niet vergeten. Valencia is de bakermat van de paella, lokaal verbouwde rondkorrelrijst met vis, schaal- en schelpdieren. De simpele naam paella is de schuilplaats van vele recepten in meer dan honderd vormen op basis van saffraan, groente, zeedieren en geklutst ei. De rijst bijvoorbeeld gebakken in de oven, gedoopt in de inktvisinkt of gekookt in een geurige bouillon. Onze gids maakt de vertaalslag voor ons: ‘Al homo, arroz negro, a banda’. Wij vinden het allemaal even lekker.
Valencia is ook de stad van vele tapasbarretjes. We lopen een paar keer zo’n op het eerste oog ongezellig uitziend tentje met tl-verlichting binnen, waar je uit de beste tapas kunt kiezen. Zo’n ‘tussendoortje’, geserveerd als borrelhapje, vraagt om een bijbehorend goed glas. Gerookte tonijn, inktvis, gehaktballetjes, bloedworst, gegrilde groenten, een dikke omelet of aardappels met mayonaise. Zeg het maar, zeg het voort. Onze gids: ‘Mojama, sepia, albóndigas, morcilla, verduras a la plancha, tortilla, patatas bravas’. De laatste oordeelt hij als het minst lekker. Door een brede keuze te maken halen wij ons Spaans wat op.

De horchata

Zoals we Cuba niet verlieten zonder een mojito als proef op de som, zo hebben we Valencia niet verlaten zonder een horchata. Dit melkachtige drankje van aardamandelen, water en suiker drink je koud. Bij Horchatería Santa Catalina schenken ze het sinds 1807. Daar gingen we dus langs, mede omdat de fraaie keramische muurschilderingen van de ingang om een foto smeekten.

Horchateria Valencia

Horchateria Santa Catalina

Estación del Norte

Een van de vele indrukken moet zeker nog vermeld worden, niet met de bedoeling om volledig te zijn. Dat lukt toch niet. Op de plek waar het eerste station van Valencia in 1852 werd geopend, is aan Calle Xàtiva het huidige treinstation Estación del Norte gebouwd. Het ligt pal naast Plaza de Toros. De ontwerper van dit modernistische station, dat in 1917 open ging, is Demetrio Ribes, die zijn eigen ideeën van modernisme heeft doorgevoerd. De gevel bestaat uit een horizontaal georiënteerd gebouw met drie vooruitspringende elementen, waarvan de twee aan beide uiteinden een toren vormen en de ene in het midden de hoofdingang markeert. Het gebouw is met geglazuurde tegels, trencadís en mozaïek gedecoreerd. Op de frontgevel zijn verschillende karakteristieke elementen uit de Valenciaanse cultuur in schitterende kleuren afgebeeld. Vrouwen in typische Spaanse dracht en guirlandes van sinaasappels sieren de gevel. Vanzelfsprekend speelt de sinaasappel en zijn heerlijk ruikende bloesem een grote rol. Ook worden het wapen van Valencia – vier rode strepen op gouden ondergrond – en het wapen van de spoorwegmaatschappij – ster met vijf punten – veelvuldig weergegeven. Als kroon op het gebouw staat een adelaar op een aardbol: het beeld van de snelheid.
Ook het interieur met zijn houten, marmeren en glazen decoraties is de moeite waard. In het vroegere cafetaria, nu informatiebalie, zijn naast wapens van de spoorwegen ook prachtige mozaïeken te zien. Het plafond in de hal is een soort markies, dat wordt ondersteund door een metalen structuur om een licht van 45 meter doorsnee te overdekken. Een waar staaltje van moderne technologie in die tijd. Ook binnen is een grote variatie aan Valenciaanse mozaïeken en tegels, waarop verschillende aspecten van de landbouw te zien zijn.

Estación del Norte

Estación del Norte – Noordstation Valencia


In vele talen wordt ‘Goede reis’ gewenst. Kenmerkend voor de modernistische stijl is de eenheid die wordt gevormd door architectuur, schilderingen, meubels, beeldhouwwerken en decoraties. Het was de meest voor de hand liggende plek om de ochtenden rond koffietijd met onze gids af te spreken. Van dit centrale punt ontdekten we Valencia, een prachtige stad, verrassend veelzijdig en zeer de moeite waard om nog eens te bezoeken.

Boek een hotel in Valencia

Foto’s: Erna Heersema.
Tekst: Peter Samuel.
Lees zijn reiservaringen in zijn weblogs:
petersamuel.reismee
petersamuel.blogspot

Reacties zijn gesloten.